Logo Universiteit Utrecht

Medieval Memoria Online

3.2 Criteria voor het opnemen van objecten

Uitgangspunt

Opgenomen zijn grafmonumenten, grafzerken en memorievoorstellingen die (tenminste gedeeltelijk) nog bestaan en die afkomstig zijn uit middeleeuwse instellingen op het grondgebied van het huidige Nederland. Een aantal van de opgenomen objecten is niet heel precies te plaatsen omdat de instelling waarin zij oorspronkelijk een functie hadden niet bekend is.

Als periodisering is het tijdvak tot 1580 gekozen. Rond 1580 werd vanwege de Reformatie het katholicisme in grote delen van het huidige Nederland als de publieke religie (tijdelijk) afgeschaft. Zowel grafmonumenten en grafzerken als memorievoorstellingen konden lang voor en lang na de dood van een of meer van de op het object herdachte personen worden geplaatst. Daarom is bij de datering steeds de datering nader verantwoord. Een datum van overlijden geeft dus alleen een indicatie voor nader onderzoek.

Opgenomen zijn:

  • Objecten waarvan in ieder geval nog ten minste één gedeelte bewaard is gebleven, MeMO memorial object ID 3572, fragmenten van een brass
  • Objecten waarvan fotomateriaal of een moderne beschrijving bestaat, maar waarvan de huidige verblijfplaats onbekend is, zie MeMO memorial object ID 579 en enkele verwoeste objecten waarvan fotomateriaal bestaat. De laatstgenoemde beschrijvingen zijn te vinden via Search database, onder Category: Type: Memorial item, only surviving as a printed image, drawing or photo)
  • Objecten waarvan de precieze datering onbekend is, maar waarvan op stilistische gronden vermoed wordt dat ze van vóór of omstreeks 1580 dateren, MeMO memorial object ID 210
  • Kopieën indien ook de kopie een functie heeft gehad of kan hebben gehad in de dodengedachtenis, MeMO memorial object ID 695
  • Objecten waarvan de oorspronkelijke plaats van functioneren (vooralsnog) niet kon worden vastgesteld, maar die gemaakt zijn door in Nederland werkzame kunstenaars en steenhouwers. In deze gevallen wordt de mogelijkheid verondersteld dat deze werken in het onderzochte gebied een memoriefunctie vervulden.
  • Objecten gemaakt door kunstenaars en steenhouwers die buiten Nederland werkzaam waren, maar waarvan zeker is of verondersteld wordt dat ze vóór 1580 in het gebied van het huidige Nederland een memoriefunctie hadden, MeMO memorial object ID 921
  • Objecten die aanvankelijk elders, maar daarna een memoriefunctie op een locatie in Nederland hadden, MeMO memorial object ID 921
  • Voorstellingen (al dan niet met gebedsportretten) die waarschijnlijk niet in eerste instantie zijn vervaardigd ter nagedachtenis van overleden personen. Ze kunnen bijvoorbeeld zijn gemaakt bij gelegenheid van een huwelijk, zie MeMO memorial object ID 626. Uit archiefstukken is bekend dat al bestaande kunstwerken later tot memorievoorstellingen vermaakt konden worden.

NB Het was niet altijd mogelijk de objecten ter plekke te bestuderen. Ook kon het MeMO-team niet altijd over goede foto’s beschikken. Daardoor was het niet altijd mogelijk om volledige en correcte transcripties van de teksten op de objecten te maken en volledige en correcte beschrijvingen van de wapenschilden op te nemen.

Niet opgenomen zijn:

Afb. 7. Tekening van een waarschijnlijk verloren gegane Kruisiging met het gebedsportret van Dirk van Wassenaar. Deze proost en aartsdiaken van de Janskerk in Utrecht was ook pastoor van de St. Bavokerk in Haarlem, waarvan de patroonheilige rechts achter de knielende gestalte van Dirk staat.

  • Memorietafels, grafmonumenten en grafzerken van Nederlanders die in het buitenland werden geplaatst
  • Objecten die worden vermeld in documenten maar waarvan de exemplaren zelf niet bekend zijn
  • Objecten die alleen als tekening of beschrijving uit genealogische en heraldische handschriften bekend zijn (afb. 7)
  • Werken waaraan na 1580 een gebedsportret of memorietekst is toegevoegd en die vanaf dat moment pas een memoriefunctie vervulden. NB Het gaat hier dus om objecten die voor 1580 een andere functie hadden. Objecten die nog tijdens het leven waren geplaatst maar waarop de sterfdatum pas na 1580 is toegevoegd, zijn wel opgenomen omdat ze bedoeld waren om de toekomstige overledenen te gedenken.

Het is goed mogelijk dat zerken, grafmonumenten en memoriestukken in privécollecties en in depots van archeologische diensten en musea nooit zijn geïnventariseerd en gepubliceerd.